In de vorige Nieuwsbrief kon u al lezen dat het Ouderenberaad rondetafelgesprekken heeft gehouden met ouderen uit de regio over de grenzen aan de zorgzame samenleving. De inzichten uit deze gesprekken zijn meegenomen in het advies dat de Raad van Ouderen (RvO) hierover heeft voorbereid. Dit advies is op 7 juli jl. aangeboden aan Mirjam Sterk, minister van VWS. Het heeft als titel Grenzen aan de zorgzame samenleving; waar het helpen ophoudt en het zorgen begint.
Waarover gaat dit advies?
De overheid wil graag dat mensen naar elkaar omkijken. Dit wordt een ‘zorgzame samenleving’ genoemd. De RvO vindt het goed dat mensen elkaar helpen, maar ziet ook risico’s en beperkingen. Daarom heeft de RvO onderzocht wat ouderen wel en niet voor elkaar kunnen en willen doen. Ongeveer 900 ouderen hebben een vragenlijst ingevuld en er zijn gesprekken gevoerd met ouderen door het hele land en met verschillende deskundigen. Ook veel leden van ons panel hebben hier een bijdrage aan geleverd.
Wat willen en kunnen ouderen voor elkaar doen?
Ouderen zijn heel duidelijk over hun grenzen: zij willen en kunnen geen lichamelijke of medische zorg geven aan hun buurtgenoten. Ouderen vinden dit echt werk voor professionele zorgverleners. Wat ouderen wel graag voor elkaar willen doen, zijn de kleine dagelijkse dingen:
- Boodschappen doen voor een ander.
- Vervoer regelen, zoals rijden naar de dokter of het ziekenhuis.
- Samen een wandeling maken, lezen of een maaltijd koken.
Ouderen willen deze hulp vooral geven of krijgen als ze de ander al goed kennen en vertrouwen. ‘Wederkerigheid’ is belangrijk: het is fijn als je hulp krijgt, maar je wil ook iets terug kunnen doen. Voor familieleden en goede vrienden willen ouderen vaak iets meer doen dan voor buurtgenoten.
Vraagverlegenheid
Veel ouderen geven aan het moeilijk te vinden om hulp te vragen. Ze willen graag zelfstandig blijven en stellen het vragen van hulp zo lang mogelijk uit. Als het echt niet anders kan, vragen ouderen het liefst hulp aan hun eigen partner of kinderen. Pas in uiterste nood vragen ze hulp aan de buurt.
Wat is er nodig volgens ouderen?
Om elkaar goed te kunnen helpen, zijn er ontmoetingsplekken nodig in de wijk. Hier kunnen mensen elkaar leren kennen en vertrouwen opbouwen. Daarnaast willen ouderen graag dat er een buurtwerker of dorpsondersteuner is die kan helpen om de burenhulp te organiseren.
De zorgzame samenleving is goed voor kleine, dagelijkse hulpvragen tussen buurtgenoten. Maar burenhulp kan professionele zorg niet vervangen. Voor zwaardere lichamelijke en medische zorg blijven professionele zorgverleners onmisbaar.
Het volledige advies ‘Grenzen aan de zorgzame samenleving; waar het helpen ophoudt en het zorgen begint’ is hier te vinden.
