De winst van het ouder worden – een terugblik op de lezing van professor Rudi Westendorp door een lid van het Ouderenberaad

Op woensdag 24 juni 2026, tijdens een van de hittegolfdagen van deze zomer, presenteerde professor Westendorp een optimistische kijk op ouder worden. De aanwezigen, door de hitte helaas wat minder dan verwacht, lieten zich meenemen in zijn enthousiaste verhaal, met veel interactie met de zaal.

Grijze tsunami?

Zong Gert Timmerman in de jaren zestig nog over ‘eerbied voor (jouw) grijze haren’, die eerbied lijkt in de huidige samenleving al een tijdje aan het afnemen. Zeker sinds het begin van dee eeuw horen we in de media en de politiek dat Nederland de komende decennia overspoeld wordt door de grijze golf. Het is niet zo maar een grijze golf, nee het is een onvermijdelijke ‘grijze tsunami’. Wat we ook horen: babyboomers bereiken ‘en masse’ de pensioengerechtigde leeftijd en anderzijds is er de trend van een ouder wordende bevolking als gevolg van levensduurverlenging. Ziedaar de ‘dubbele vergrijzing’ .

Door die dubbele vergrijzing dreigt een zorginfarct: er zijn te weinig zorgmedewerkers om die grijze vloedgolf op te vangen, de grijze druk, de verhouding tussen het aantal gepensioneerden ten opzichte van de beroepsbevolking neemt toe. Kortom: de samenleving kan het niet aan.

Vergrijzing: géén rampscenario

LezingRudi _tegel

Rudi Westendorp kijkt hier verfrissend anders tegen aan. Ja, we worden ouder, gaan achteruit, en het einde van het leven is de dood. Maar daarvóór hebben vele ouderen nog lange tijd een goed leven. Nederlanders leven inderdaad steeds langer, weliswaar zijn ze eerder (al vanaf 45 jaar) ‘ziek’, chronisch ziek zelfs, maar vaak hebben ze dan nog geen fysieke beperkingen. Ze zijn nog zelfredzaam, hebben zelf de regie. Het aantal van die jaren, met ziekte, maar zonder ernstige beperkingen in het dagelijks leven (ADL), neemt inderdaad toe.

LezingRudi _slide
klik op de afbeelding om deze te vergroten

Maar echt zorgafhankelijk, in de zin van: aangewezen op zorg die gefinancierd wordt via de Wet Langdurige Zorg, zijn ‘we’ pas in de laatste jaren van ons leven. En, belangrijk: de rode band blijft sinds 1990 even breed: het aantal van ouderen die een beroep moeten doen op een verpleeghuis, neemt niet toe.

Mondige ouderen

Verder benadrukte Rudi Westendorp dat diverse zorgvoorzieningen zoals verpleeghuizen niet meer aansluiten bij de noden en wensen van de ouderen van nu. Hun prioriteit is kwaliteit van leven, naast zelfstandigheid en wegblijven uit het verpleeghuis. Levensverlenging is zeker niet hun hoogste doel. Wat zijn dan wel hun zorgbehoeften (enkele suggesties passeerden de revue) en hoe kan daarin dan voorzien worden? Ook op dat punt klonk een optimistisch geluid: vele ouderen zijn mondiger en kunnen beter dan vorige generaties hun eigen (zorg)vragen en behoeften organiseren.

Reactie deelnemer:Je werd echt aan het nadenken gezet. Het laat je op een andere manier kijken naar ‘ de vergrijzing’. Ik heb me nooit gerealiseerd dat het niet zo’n groot probleem is als we in de media voorgeschoteld krijgen“.

Het was al met al een opbeurend en relativerend verhaal dat het dominante narratief van de dubbele vergrijzing nuanceerde. Het gaf bovendien voldoende stof tot discussie en zorgde bovenal voor herkenning. Na dit positieve verhaal bleef prof. Westendorp tijdens de borrel enthousiast in gespek met de aanwezigen.

Reactie deelnemer:Heel herkenbaar verhaal over de wijze waarop (alle) ouderen onterecht als kwetsbaar worden neergezet, als mantelzorger maar ook als medewerker in de welzijnssector”.

Door: Ariane van Santen, lid werkgroep communicatie, Ouderenberaad ZHN